Lijkenlucht

De helft van de Nederlanders rijdt met te zachte banden, blijkt uit onderzoek van de consumentenbond. Dat is hartstikke link. Je bandenspanning controleren doe je op het tankstation, tenminste: deed. Nu moet je bijna overal 50ct betalen (gepast, en dat in het chipkniptijdperk) Dan heb je vijf minuten de tijd om die stugge slang rond je auto te trekken en als een gek al die dopjes los te schroeven. Halverwege moet je nog een keer de instellingen op het apparaat veranderen, want voor en achterbanden hebben een andere spanning. Al gauw zes minuten werk. Dat is dus nog een keer 50 cent aan de luchtgod offeren. Heb je het passende muntje niet, mag je binnen in de rij gaan staan om te gaan wisselen. En zo ben je dan weer 10 minuten verder. Vind je het gek dat iedereen met slappe bandjes rondrijdt, zo leer je mensen wel af om even hun bandenspanning te checken.

Pompstations staan zich voor op hun service. Maar zorgen dat je klant veilig op weg blijft door gratis lucht aan te bieden, is teveel moeite. "Waarom verkopen jullie lucht?", vroeg ik de dienstdoende luchtbakker. "Er wordt zoveel vandalisme gepleegd. U betaalt voor onderhoud." Zet die luchtpomp dan op een zichtbaar punt neer, slimmerd. Op tankstations stikt het van de camera's bovendien, ik tel er acht stuks. Het is allemaal slap gelul natuurlijk, gewoon krantonvriendelijke geldtrekkerij.

Wie met te zachte banden rijdt, verbruikt ook meer benzine. Misschien dat pompstations het ons daarom zo moeilijk maken zuinig te rijden. Maar een bedrijf dat niet om de veiligheid van mij en mijn kinderen geeft, is mijn klandizie niet waard. Ik stel voor: tank alleen waar ze gratis lucht bieden. Dat zal ze leren.